Redactioneel — juli 5, 2011 at 12:41

Hoe hoort het eigenlijk in de file? deel III

by

Hoe hoort het eigenlijk in de file? “Het is opmerkelijk hoe sommige menschen, die als simpele voetgangers altijd beleefde, onopvallende, hoffelijke burgers geweest zijn, plots tot onhebbelijke ongemanierdheid vervallen, zoodra zij in hun eigen auto zitten.” Een quote van Amy Groskamp-Ten Have, schrijfster van het meest verkochte Nederlandse etiquetteboek aller tijden: Hoe hoort het eigenlijk. Zij schreef dit in 1939.

De aanbevelingen van mevrouw Groskamp-Ten Have zijn kenmerkend voor de sfeer in die jaren. Lees wat zij verder schrijft over automobilisten: “Zij doen dan vaak van allerlei, waarvoor zij zich zouden dood schamen als voetgangers; zij duwen anderen opzij – zij dringen anderen van den weg af en zij hinderen onschuldige voorbijgangers, die hun geen stroobreed in den weg gelegd hebben op allerlei manieren.”

“De manieren van den beschaafden automobilist zou men tezamen kunnen vatten in het navolgende lijstje van hoe-het-niet-moet:

– Verblind anderen niet met Uw koplichten: Het is gevaarlijk en onbeleefd.

– Maak geen noodeloos lawaai met Uw claxon, vooral niet als gij in een file rijdt.

– Kruip niet uit een file om Uw voorganger te snijden, het is even onbeleefd als gevaarlijk.

– Blijf niet midden op den weg rijden, zoodat gij voor anderen het verkeer verspert of ongelukken veroorzaakt.

– Reageer prompt op andermans signalen. Het maakt U immers ook woedend wanneer men niet op de Uwe let.

– Maak geen misleidende bewegingen, die als signalen kunnen worden opgevat: m.a.w. steek geen armen uit het raam om naar iets te wijzen, om de asch van Uw sigaret te knippen e.d.

– Schreeuw geen bedreigingen en verwenschingen naar andere automobilisten, al hebben zij honderd maal ongelijk!”

Het is duidelijk dat de aanbevelingen van mevrouw Groskamp-Ten Have inmiddels volstrekt achterhaald zijn. Kennelijk was het in de jaren 40 en 50 niet bon ton om groot licht op te zetten, te toeteren of misleidende bewegingen te maken, maar inmiddels zijn dit natuurlijk onmisbare instrumenten voor de moderne weggebruiker om zich door het hedendaagse verkeer te vechten. Het is nu volledig ondenkbaar dat filerijders elkaar niet zouden afsnijden of dat ze niet op de middenstrook blijven hangen. En wat te denken van: ‘Schreeuw geen bedreigingen en verwenschingen naar andere automobilisten’! Wat was men toch naïef in die tijd.